Ontwerpen met de natuur
Permacultuur komt neer op het gebruikmaken van natuurlijke ecosystemen als model voor onze eigen menselijke habitat. Of, de natuur als leidraad en bron van inspiratie voor bouwen en wonen. Als ontwerpsysteem zien we permacultuur vaak toegepast op voedselvoorziening, maar in feite is het toepasbaar op alles wat je maar kan bedenken: landbouw, watervoorziening en -zuivering, energievoorziening, stedenbouw... In dit artikel ligt de focus op bouwen en wonen. Hoe vertalen de principes van permacultuur zich in duurzame ontwerpen?
Natuurlijke ecosystemen zijn bijna per definitie, duurzaam en als je begrijpt op welke manier ze werken, kun je je eigen leven duurzamer inrichten. Om meer inzicht te krijgen in hoe ecosystemen werken, kun je de natuurlijke vegetatie van een bos vergelijken met een korenveld. Het bos met bomen, struiken, klimplanten, kruiden, bevat een veel grotere biomassa en diversiteit dan het korenveld dat maar een meter hoog is en enkel een soort gewas bevat. Bovendien is de jaarlijkse aangroei van nieuwe biomassa in een bos veel groter zonder dat er externe bronnen aan te pas komen. Zon, regen en grond zijn de enige natuurlijke input. Het korenveld moet jaarlijks geploegd, gezaaid, bemest, gewied worden. Het vraagt onkruidcontrole en gewasbescherming tegen ziekten en plagen. In plaats van verrijkt te worden, lijdt de grond aan bodemerosie. Natuurlijk is er ook een winst: bijna de helft van de biomassa in het korenveld is eetbaar terwijl het bos een veel lagere voedselopbrengst heeft. Kunnen we dan systemen bedenken die een hoge voedselopbrengst combineren met het zelfvoorzienende karakter van een bos? Ja! Hier verschijnt permacultuur op het toneel met als een van de mogelijke antwoorden: het voedselbos, een directe imitatie van een natuurlijk bos, waarbij de wilde planten vervangen worden door eetbaar fruit en groenten. Maar er is meer dan louter kopiëren van ecosystemen. Permacultuur gaat verder dan het observeren van de uiterlijke verschijning van ecosystemen. Alles draait om de principes waarop de systemen gebaseerd zijn. Als we de principes begrijpen en ze in een ruimere context toepassen, kunnen we de voordelen van natuurlijke ecosystemen implementeren in gebouwen, tuinen, landbouwbedrijven dorpen en steden. De vraag is dus: wat maakt dat natuurlijke ecosystemen werken? Een van de belangrijkste attributen is biodiversiteit. En dat betekent niet enkel een grote variëteit aan planten en dieren, maar ook een diversiteit aan heilzame relaties tussen de componenten - de planten, dieren, microben en 'niet levende' componenten - die deel uitmaken van het systeem. Zo kan de ene plant voor de andere bescherming bieden tegen wind. Door samenwerking met bepaalde bacteriën voorzien sommige planten zichzelf en de omgeving van stikstof. Paddenstoelen onttrekken mineralen aan de grond en delen die met andere planten in ruil voor suikers. Dit zijn maar enkele voorbeelden. Elk ecosysteem is samengesteld uit een ruim web van zulke heilzame relaties. Ze vormen de basis van een productief systeem dat zo weinig mogelijk input vraagt. Het kan dus toegepast worden op voedselproductie, maar ook op een breed spectrum van menselijke activiteiten. Een voorbeeld: de keuze tussen een vrijstaande serre in de tuin of een serre aangebouwd tegen de zuidelijke wand van een woning. Een vrijstaande serre straalt 's nachts via het glas in alle richtingen warmte uit en koelt snel af. In de aangebouwde serre zal de massieve muur overdag de warmte opslaan en 's nachts weer uitstralen om de serre warm te houden. Zo is de serre in de winter vorstvrij, zonder dat hiervoor fossiele brandstof nodig is. De woning zelf haalt ook voordeel uit de warmte die de serre overdag opslaat. Daarover verder meer.
Natuur in de stad en het gebouw
Bij het ontwerpen van duurzame gebouwen en steden kan permacultuur een belangrijke bijdrage leveren. Het produceren van voedsel in steden is een van de elementen die binnen permacultuur centraal staat. Zo ook het aansporen van mensen om zelf in een deel van hun voedsel te voorzien. Dat heeft natuurlijk gevolgen voor stadsplanning, die (ook) in duurzame kringen vaak nog controversieel zijn. Een ander belangrijk element is het gebruik maken van passieve zonneenergie. Hiervoor moet men vanaf het begin van het ontwerp rekening houden met inplanting, orientatie, grootte van de ramen... Een derde element is 'biotectuur', waarbij planten en ander groen een functionele rol krijgen in het concept van een gebouw. Denk maar aan een boom, die in de zomer de overtollige zon tegenhoudt, of een levende wilgenhaag als tuinafsluiting. Permacultuur gaat uit van ontwerpen met een maximale output en een minimale input. Bepaalde bouwstijlen zoals strobalenbouw, leembouw, houtskeletbouw, 'earth ships'...komen dan ook meer in the picture. Bij deze bouwwijzen worden hoofdzakelijk natuurlijke materialen op basis van nagroeibare grondstoffen gebruikt, of materialen die gerecycleerd worden. Deze hebben een veel lagere energie-inhoud. Dit wil zeggen dat ze minder energie vragen om geproduceerd en getransporteerd te worden. Ze zijn bovendien biologisch afbreekbaar, hergebruikt en/of herbruikbaar. Met zulke materialen kun je de ecologische voetafdruk van een gebouw gevoelig reduceren. Niet iedereen kan zich echter een nieuwbouw veroorloven. Bovendien is de input bij verbouwingen, rekening houdend met het hergebruik van materialen, sowieso kleiner dan bij nieuwbouw. Verbouwen en ook de keuze van materialen spelen in permacultuur een belangrijke rol. Permacultuurprincipes toepassen op een nieuwbouw - waarbij we de inplanting, oriëntatie, ontwerp, in de hand hebben en waar voldoende grond is om te voorzien in eigen voedsel en energie - is natuurlijk gemakkelijk. Maar zijn we dan goed bezig? Misschien niet. Als de 'perfecte' locatie maakt dat er veel kilometers moeten afgelegd worden om kinderen naar een crèche of school te voeren, om dagelijks op het werk te geraken en boodschappen te doen, dan kan dat niet echt als 'duurzaam' aanzien worden. En we kunnen zeker niet spreken van een minimale input. Als het gaat over het reduceren van onze ecologische voetafdruk, dan is het vermijden van individuele verplaatsingen met de wagen de tweede belangrijkste stap, naast het vermijden van vliegreizen. Aan de andere zijde zijn stedelingen dan weer volledig afhankelijk van externe systemen voor voedsel- en energievoorziening.
De beste plek om te leven
Wat de beste plek is om te leven vanuit ecologisch standpunt, hangt af van de manier waarop we het bekijken: vanuit onze huidige context of vanuit een toekomstperspectief. Met onze huidige leefwijze is het duidelijk dat leven in de stad onze ecologische voetafdruk aanzienlijk vermindert door onder andere minder verplaatsingen, compactere, aaneengesloten bebouwing... Maar op lange termijn zal er nog veel moeten veranderen op het vlak van ruimtelijke ordening. Om echt duurzaam te leven en zelfvoorzienende gemeenschappen te creëren moeten voedsel en energie meer lokaal geproduceerd worden. Ook gaan we meer moeten nadenken over andere woonvormen zoals cohousing, kangoeroewonen...
Zones
Een van de sleutelinstrumenten in permacultuur is zonering. 'Zoneren' in permacultuur betekent het samenbrengen van verschillende functies, zoals wonen, werken, winkelen... in dezelfde buurt of wijk. Zo'n mix van functies leidt niet alleen tot minder energieverlies. Het heeft ook als voordeel dat er minder transport nodig is en dat levert minder vervuiling op. Een brede waaier van faciliteiten en activiteiten komen gemeenschapsvorming ten goede. Breng een winkel, een school, een gezondheidscentrum en een bibliotheek samen in een cluster en je kan in een trip de kinderen van school ophalen, langs de bib gaan en nog even de winkel binnenspringen. Zo bespaar je een aantal verplaatsingen. Een functionele mix vergemakkelijkt bovendien het delen van energiebronnen. De elektriciteitsafname van een centrale op warmtekrachtkoppeling zal bijvoorbeeld veel gelijkmatiger zijn omdat de centrale zowel levert aan daggebruikers (scholen, ondernemingen) als avond- of nachtgebruikers (woningen). Een open buitenruimte die gedeeld wordt door een 5- tot 20-tal woningen kan een zeer goede en flexibele manier zijn om aan eigen voedselvoorziening te doen en andere activiteiten te organiseren. Ieder gezin kan z'n eigen privetuintje hebben en een gedeelte ervan afstaan zodat er een gemeenschappelijke ruimte ontstaat.
Sectoren
In permacultuur wordt niet enkel nagedacht over 'zones' maar ook over 'sectoren'. Bij de opdeling in sectoren wordt er rekening gehouden met de best mogelijke inplanting in relatie tot elementen uit de omgeving: wind, regen, zon, buren, zichten... Bij het ontwerpen van gebouwen en sites is de orientatie dan ook cruciaal. Een gebouw is met z'n langste as oost-west georiënteerd en heeft de grootste raamopeningen op het zuiden gericht. Op die manier kan men optimaal gebruikmaken van passieve zonne-energie, waarover verder meer. Oriënteren maar ook concipiëren, rekening houdend met externe factoren, is van belang. Dit wil zeggen dat we bij de detailleringen van het gebouw zoveel mogelijk rekening houden met factoren van buitenaf. Door een luifel toe te passen aan de regenzijde van het gebouw wordt het hout beschermd tegen overbevochtiging en verkleint het risico op schimmel en aantasting. Door deze constructieve bescherming kan je ook houtsoorten van een lagere duurzaamheidsklasse en dus ook meer lokale houtsoorten toepassen.
Laag-energie ontwerp
Gebouwen consumeren energie op twee manieren. Enerzijds is er het energieverbruik na de ingebruikname van het gebouw tijdens de hele levensduur met inbegrip van ruimteverwarming, waterverwarming, elektriciteit. Anderzijds is er het energieverbruik voor het produceren en transporteren van bouwmaterialen. Het doel van een lage-energie ontwerp is om beide te minimaliseren.
DE ETHISCHE PRINCIPES VAN PERMACULTUUR
• zorg voor de aarde
• zorg voor de mens
• deel de overvloed
Permacultuur vindt zijn oorsprong in Australië en betekent: PermanentAgriculture en Permanent Culture. Bill Mollison en David Holmgren bedachten deze term midden jaren '70 om het volgende te beschrijven: "een geïntegreerd, evoluerend systeem van overblijvende en zichzelf in stand houdende planten diersoorten die nuttig zijn voor de mens." Meer recent definieert David Holmgren permacultuur als "bewust ontworpen landschappen die de patronen en relaties in de natuurlijke omgeving nabootsen en waarbij ze een overvloed aan voedsel, vezels en energie opbrengen om in de lokale behoefte te voorzien." Mensen, hun gebouwen en de manier waarop ze zich organiseren staan centraal in permacultuur. De oorspronkelijke visie van een permanente (duurzame) landbouw is dus geëvolueerd naar een permanente (duurzame) cultuur. Je kunt permacultuur concreet zien als het gebruik van systemen en ontwerpregels die een kader bieden om bovenstaande visie te implementeren.
Meer weten:
www.permacultuur.eu/www.permacultureprinciples.com
www.kasteelnieuwenhoven.be
www.vibe.be
Tekst: Sigrid Van Leemput

Biofood
Our Daily Life
Home & Living
Wonderen der Natuur
De Psychonaut
Wellness
Sport & Fitness
Interviews
Food +
Travel & Toerism
The Body Factory
Filip Muylle
Daniëlla Sloots
Sophie van Baarsen
Frank Fol
Geert Verhelst
Jethro Philips
Paul Liekens
Christine Pannebakker
Nicola Kersting
Bernard Lietaer
Alain Indria
Eric Pearl
Winiefred Van Killegem
Ervin Lazlo
Volkskrant 14 januari 2012: De Huilbabypoli...Een reactie van Janita Venema
Tom Monte over angst helen
Kunst voor Kinderen
1 oktober 2011: Wereld Vegetarisme Dag
OXFAM TRAILWALKER, 4de SUCCES OP RIJ
Nieuwsbrief van vzw Within-Without-Walls in 2012
